Van Sander Veenhof ontving ik deze oproep. Zijn idee komt erop neer dat een verwijzing naar zijn bloem-kweek project zoals dit bericht in mijn weblog ervoor zorgt dat de planten water en licht krijgen. Publiciteit als mest. Als voedsel en zuurstof. Ik begreep dat twitteren ook mag.Een kleine moeite om Sander een mooi boeket te bezorgen op de dag van zijn afstuderen, 1 juli aanstaande.Bij deze. On July 1st 09 I’m graduating from the Gerrit Rietveld art academy in Amsterdam. A festive event that should not remain unnoted! I therefore designed an interactive greenhouse in which a bouquet of ‘graduation flowers’ is growing, depending on YOUR help! A greenhouse control system converts all online publicity into plant growth by switching on the grow-lights when you: 
May 28, 2009
Publiciteit Plant
May 12, 2009
Over Martin Bril
Kort begin van een lang afscheid.
Over het uitgedroogde gazon kwam een jongen aanlopen. Een kersverse student, in een verschoten spijkerbroek, een geel t-shirt en een colbert van gebroken witte manchester stof. Hij wist dat hij bekeken werd, dat was op te maken uit de stoere, wat stijve tred waarin hij toch iets zwierigs legde. Uit de linkerzak van het jasje stak een boek, een rode pocket.
Toen hij het gazon bij de kampeerboerderij was overgestoken zocht hij een stoel, haalde een zonnebril uit zijn binnenzak, zette die op en begon vervolgens een sigaret te rollen. Javaanse Jongens-shag in de smalle papieren verpakking.
Het was het eind van de zomer van 1978 en we bevonden ons op Ameland. Ik was er als student-assistent van de lector aan de Rijksuniversiteit Groningen, die verantwoordelijk was voor de introductie van de nieuwe filosofie-studenten, een stuk of veertig. Die introductie-weken begonnen met een weekend op het eiland, om kennis te maken met elkaar, het vak en de docenten van het filosofisch instituut.
Ik ging bij de lezende jongen zitten. Hij stelde zich voor als Marten en hij ging met graagte in op mijn vragen naar het boek dat hij las. Al snel was duidelijk dat ik een geestverwant had gevonden. Het mag gek klinken, maar dat gebeurde niet zo vaak. Ik was aan de filosofie-studie begonnen uit een hang naar algemene ontwikkeling, om achtergrond-informatie op te doen bij de literatuur, kunst en films die me bezig hielden. De studie stelde niet teleur, maar niemand van mijn mede-studenten leek mijn interesses te delen. Ze waren uitgeloot bij medicijnen of ze wilden revolutionair-marxistisch intellectueel worden of ze zochten de zin van het leven na een mislukte reis naar India.
Maar Marten had Peter Handke’s Kurzen Brief zum langen Abschied op zak. En nog wel in het Duits. Alles wat hij erover vertelde klonk beter dan wat ik van Handke gelezen had. Het boeiendst was dat het over een Europeaan ging die van Oost naar West door Amerika reisde, om te veranderen en alles om zich heen nauwkeurig waarnam, in de hoop aan zijn reacties en gedachten te kunnen aflezen dat hij een ander aan het worden was. Hij werd achtervolgd door een ex-vriendin, die hem zelfs probeerde te vermoorden. Behalve de observaties van het Amerikaanse leven en de landschappen waren het de films van John Ford die als ijkpunt dienden. Kortom, ik zou het boek snel kopen en lezen en dan zouden we het er over hebben. Marten (die zich een jaar later al Martin noemde) was een jongen van negentien, ik een jongen van eenentwintig.
Dertig jaar later moet ik voor mijn werk in New York zijn. In Amsterdam loopt Martin op zijn laatste benen. Al een jaar lang ligt er een koude loden plaat in mijn maag als ik aan hem denk. Die is dan weer verdwenen als ik met hem zit te praten, of wandel of eet en drink. Maar de laatste weken wordt het gewicht zwaarder en zwaarder. De emails die we uitwisselen bestaan grotendeels uit beloftes: gauw, zometeen, straks, als je terug bent. Tegen beter weten in, want ik vrees dat we elkaar niet meer zullen zien.
Op een zonnige vrije middag loop ik een boekhandel in Greenwich Village binnen. Op de tafel met nieuw-verschenen boeken ligt Peter Handke’s Short Letter, Long Farewell, met een voorwoord van Greil Marcus. Ik lees het die nacht uit, om de paar uur rekenend hoe laat het is in Amsterdam.
In helder, ironisch Engels dwaalt Handke’s blik door een verdwenen Amerika. Langs New Yorkse trottoirs, parkeerterreinen in Maryland, etende mensen in restaurants langs de snelweg, over slapende kinderen en langs ruzieënde echtparen. Ja, aan het eind is hij minder door zichzelf geobsedeerd en een ander geworden. Het boek eindigt aan de voeten van de oude John Ford, die de verteller en zijn ex eenvoudige menselijke waarheden over het leven en verhalen vertellen voorhoudt.
Het enige dat ik erin lees is de weg die Martin heeft afgelegd van het grasveld op Ameland naar zijn rol van schrijvende troubadour. Van de vormeloze, eindeloze ‘Brils Berichten’ die hij schreef (en waaruit hij brieven, artikelen en hele romans knipte, plakte en kopieerde) naar die dagelijkse krantencolumn, die zijn schrijven en zijn leven de vorm en het houvast gaf, die hij nodig had. Op zijn best in eenzaamheid, onderweg van A naar B, maar nooit langer dan een dag zonder lezers.
Een paar dagen later regent het als ik met de subway naar huis ga na een lange werkdag. Het schemert in de drukke, natte straten van New York. In de supermarkt op Lexington Avenue gaat mijn telefoon. Tussen de waterflessen en de wand wc-papier ga ik op de grond zitten en luister naar de snikkende stem die vertelt dat Martin is overleden.
Toen we in 1987 schreven aan ons debuut Arbeidsvitaminen was ons devies dat je moest schrijven vanuit het nederige besef dat boeken slimmer waren dan de schrijvers die ze schreven. Als ik weer opsta van de grond in de supermarkt is de loden plaat in mijn maag zwaar maar warm. In de zak van mijn jas zit Peter Handke’s Short Letter, Long Farewell.
Vaarwel, jongen.
WATSPINOZA?
Deze week is de manifestatie My name is Spinoza van start gegaan. Er zijn bijeenkomsten, discussies, exposities en kunstprojecten, allemaal om proefondervindelijk uit te zoeken van hoeveel actuele betekenis het werk is van Baruch de Spinoza, de zeventiende eeuwse filosoof.
Mediamatic levert ook een bijdrage aan de manifestatie, en wel onder de titel WATSPINOZA?
Ik heb meegewerkt aan het bedenken van de vragen, die door de hele stad op affiches staan en worden verspreid op kaartjes en via andere wegen. Het zijn vragen waarvan we hopen dat ze een reeks vervolg-vragen en gedachten op gang brengen, die mensen in de buurt brengen van het werk van Spinoza of op z’n minst nieuwsgierig maken naar het verband tussen die media-uitingen en de denkbeelden van Spinoza.
Het project bestaat uit een expositie bij Mediamatic (Vijzelstraat 72), een website (waar iedere verspreide vraag een eigen discussie-forum heeft waarop commentaar te leveren is via internet of sms) en onvoorspelbare, nog geheime acties en uitingen.
Op de website publiceer ik twee teksten over Spinoza. Een klein inleidend stukje en een kort essay onder de titel Vuur en Glas, over de lectuur van de Ethica vandaag de dag en waarom het nog steeds een gevaarlijk boek is.
May 10, 2009
May 7, 2009
De eerste Gids-lezing: 15 mei 2009

Eerste Gids-lezing: VIVA BACTERIA!
Lynn Margulis: Beyond Darwin: 3800 Million Years of Evolution of Life on Earth
Han van der Vegt: Twee gedichten voor Charles Darwin
Tijdens de eerste Gids-lezing zal een eerbetoon worden gebracht aan Charles Darwin door in de beste wetenschappelijke traditie zijn evolutietheorie zo stevig en precies mogelijk te bekritiseren. Niemand kan dat beter dan Lynn Margulis, Distinguished University Professor Geosciences aan de universiteit van Massachusetts-Amherst, en schrijver van opwindende boeken als Symbiotic Planet, What is Life (met haar zoon Dorion Sagan) en Acquiring Genomes. Margulis werd als evolutiebioloog wereldberoemd met haar theorie dat bacteriën tijdens de eerste drie miljard jaar van de evolutie meermalen met elkaar zijn versmolten, waarbij de cellen ontstonden van dieren, planten en de andere ‘hogere’ levensvormen, al naar gelang welke bacteriën met elkaar in symbiose gingen leven. Ons eigen lichaam is volgens Margulis in feite een gigantische verzameling bacteriën die zich georganiseerd hebben in cellen en organen, en die met z’n allen zo op elkaar inwerken dat ze een zelfstandig organisme zijn gaan vormen – wij. Tegelijk zijn we deel van een ander, groter organisme dat de aarde omvat: de biosfeer oftewel ‘Gaia’. Margulis’ belangstelling loopt van het allerkleinste tot het allergrootste leven, van geologische voorwerelden tot het leven gezien als kosmisch fenomeen. Lynn Margulis is een van de weinige wetenschappers ter wereld die nog een alomvattende visie hebben, en ze slaat er iedereen mee om de oren die meent dat bacteriën alleen maar ziektekiemen zijn.
Margulis’ (Engelstalige) lezing wordt vooraf gegaan door een optreden van de Nederlandse dichter Han van der Vegt, die zijn ‘anti-darwiniaanse’ poëzie over bacteriën zal voordragen – dit geheel in de traditie van De Gids, het enige blad waarin wetenschappelijke artikelen, poëzie, verhalen en essays gelijkwaardig naast elkaar worden gepubliceerd.
Gids-redacteur Arjen Mulder zal de avond inleiden.
Vrijdag 15 mei, 20.00 uur, De Rode Hoed, Keizersgracht 102 te Amsterdam, 020-6385606.
Entree € 9 (aan de deur) / € 10 (via internet; www.rodehoed.nl), studenten halve prijs.
d e g i d s – l e z i n g w o r d t m o g e l i j k g e m a a k t d o o r h e t s n s r e a a l f o n d s
http://www.literairtijdschrift-degids.nl/
http://www.literairetijdschriften.info/



